Buruma, Ian – Blijf in leven

Buruma, Ian – Blijf in leven
Berlijn 1939-1945
Prometheus, 360 pagina’s
Vertaald door Alexander van Kesteren
Van Buruma las ik eerder 1945, Biografie van een jaar uit 2014. Ging dat boek specifiek over het laatste oorlogsjaar, in dit Blijf in leven kijkt hij naar de geschiedenis van de stad Berlijn gedurende de oorlogsjaren.
In mei 1939 woonden er in Berlijn nog 90.000 joden, zoals gedefinieerd in de rassenwetten van Neurenberg uit 1935. In mei 1942 waren er nog veertigduizend joden in de stad. In 1945 leefden er nog ongeveer negenduizend joden in Berlijn. Buruma beschrijft op vele plekken in dit boek hoe joden werden gepest, getreiterd, gemaltraiteerd, verwond, opgesloten, bedreigd, bestolen, gefolterd en gedood. Wie jood was, was simpelweg vogelvrij.
Buma herinnert ons nog eens aan Thomas Mann die meende dat elke zichzelf respecterende Duitser, zeker de schrijvers onder hen, het Duitsland van de nazi’s moest verlaten. Hans Fallada diende hem in klare taal van repliek: “Wat voor Duitser zou ik zijn als ik er ten tijde van nood en vernedering tussen uit was geknepen en een makkelijk leven had verkozen?”. En de schrijver Frank Thiess muntte het begrip ‘Innere Emigration’ en stelde dat het heldhaftiger was naar je eigen geweten te leven temidden van de nazimisdadigers. Mann minachtte hem hierom maar Thies verweet hem dat hij wel erg makkelijk praten had vanuit zijn veilige en luxe onderkomen aan de andere kant van de wereld. Wat mij betreft had Thiess volkomen gelijk.
Opmerkelijk is een tandpastareclame uit 1940 waarin de mensen wordt voorgehouden dat gezond blijven in oorlogstijd een plicht is en dat het gezondste volk zal overwinnen! En in het hoofdstuk over films uit nazi Duitsland spreekt Buruma van “ de giftige humuslaag van de nazicultuur.” Een fraaie vondst. De film Jud Süss werd een enorme hit in 1940, ook in Frankrijk opmerkelijk genoeg. In een ijltempo veroverden de Duitsers noordwest Europa en met de zege op de Fransen werd het Duitse hoogtepunt van de oorlog bereikt. Mooier zou het niet meer worden, integendeel. En, niet onbelangrijk detail, als er gedanst mocht worden – Goebbels zag hier hoogstpersoonlijk op toe – werd er ook massaal en geestdriftig gedanst.
Ook de Berlijners konden genoeg zien van wat er zoal gebeurde maar velen kozen ervoor het hoofd af te wenden en er niet over te praten. Zoals over de jodenster, erbarmelijk is het hoofdstuk dat hierover gaat.
Het hele boek is doorregen met persoonlijke ervaringen van allerlei burgers of betrokkenen. Dat maakt dit boek zo sterk en sprekend. Bewonderenswaardig hoe Buruma erin geslaagd is al deze persoonlijke gebeurtenissen en gedachten op te tekenen. En in een hoofdstuk over cultuur schrijft Buruma dat de stad Berlijn “altijd al blijk had gegeven van een licht minderwaardigheidscomplex”. Zo’n zin intrigeert mij maar Buruma licht zijn ietwat boude bewering niet toe. Of de door hem aangereikte voorbeelden een gevolg van zo’n complex zijn waag ik dan ook te betwijfelen. Nog zo’n opmerkelijk gegeven: in de laatste drie oorlogsjaren overleden er in Duitsland bijna 2,5 miljoen niet-Joodse buitenlandse arbeiders. Nederlanders, Belgen, Fransen en Italianen werkten leefden onder de meest gunstige omstandigheden. Alle andere Europeanen hadden het zeer zwaar.
In november 1943 ontstond er enorme chaos nadat Goebbels evacuatie uit Berlijn gelastte uit vrees voor zware bombardementen terwijl tegelijkertijd duizenden Hamburgers na de verwoesting van hun stad uitgerekend naar Berlijn vluchtten. We zijn inmiddels in 1944 beland en in juli van dat jaar betraden de geallieerden in Normandië Europese bodem. Het begin van het eind.
Doorheen dit toch ook weer ijzingwekkende boek van Buruma komen we telkens weer de afschuwelijke nazi-rechter Roland Freisler tegen. Zoek hem maar eens op YouTube en je zult versteld staan van zijn afschuwwekkend optreden tegen verdachten die hij vrijwel zonder uitzondering schreeuwend en scheldend ter dood veroordeelt. Het liefste zou hij al zijn vonnissen zelf voltrokken hebben. Helaas werd hij gedood door instortend puin en ontkwam hij aan berechting en een onvermijdelijke doodstraf. Waarom het lot hem gunstig gestemd was? We weten het niet. Ook onze eigen Johannes Heesters figureert nog in dit boek.
In juli van datzelfde jaar mislukt de aanslag op Hitler. Alle betrokkenen worden gearresteerd en om het leven gebracht. Hitler en Goebbels meenden onmiddellijk dat de joden achter deze aanslag zaten maar toen ze inzagen dat dat niet erg geloofwaardig was kregen de Britten de schuld. In totaal werden er in verband met de aanslag 5764 mensen geëxecuteerd en in 1945 nog eens 5684. ‘Sippenhaft’ noemde Himmler dat, de complete familie von Stauffenberg moest worden uitgeroeid. En welke rechter sprak hier de vonnissen uit? Inderdaad, Roland Freisler!
Het is 1945. Het moet onvoorstelbaar onheilspellend zijn geweest het Russische gedonder steeds dichterbij te horen komen. Hitler benam zich het leven. De Duitsers werden overlopen door de Russen en de overige geallieerden. Berlijn was de apocalyps. De oorlog liep ten einde.
De vertaling van Alexander van Kesteren is uitstekend maar als hij schrijft dat “vervoering kan overslaan in moedeloosheid” zou ik toch altijd voor ‘omslaan’ kiezen. En “stop de steun van hun flauwe kul” moet toch echt ‘aan’ zijn. En er ontbreekt nogal eens een -t aan de derde persoon enkelvoud! En ook niet fraai is een Noorse verslaggever die “het voor elkaar kreeg om gedurende de gehele oorlog vanuit Berlijn verslag te geven.”
Hoe het ook zij, Buruma schreef een geweldig boek over de oorlogsjaren in Berlijn. Goed gedocumenteerd en vooral, ik memoreerde dat al, doorspekt met persoonlijke herinneringen van Duitsers, Berlijners uit allerlei sectoren e n klassen van de Duitse samenleving in die jaren. Hij maakt ongelooflijk invoelbaar hoe het leven in die verschrikkelijke jaren moet zijn geweest en telkens weer, ook bij lezing van dit boek, frappeert mij de ongekende wreedheid van de nazi’s. Ik keek nog eens opnieuw naar de opnames van de geperverteerde Roland Freisler, in hem culmineert het intens verdorven karakter van de nazi. Freisler is in zijn onbeschaafdheid en onbeschaamdheid bijna erger dan Goebbels of Hitler. Moge hij eeuwig branden in de hel.
Knap hoe Buruma deze trieste geschiedenis van de Duitse hoofdstad gedurende het Derde Rijk heeft weten te reconstrueren. In zevenendertig korte hoofdstukken belicht hij evenzovele aspecten van het leven gedurende de jaren dat de nazi’s het Duitse volk in hun macht hielden. Het is inmiddels meer dan tachtig jaar geleden dat deze tragedie zich voltrok maar helaas behoudt dit soort boeken steevast zijn urgentie. En telkens weer herinneren we ons Primo Levi die schreef: “het is gebeurd, dus het kan weer gebeuren”. Denk daaraan!
Enno Nuy
Mei 2026