Laurent Binet (1972) is een Franse schrijver, in ons land bekend geworden door HhhH, De zevende functie van taal, Beschavingen en Perspectieven. Binet mag worden beschouwd als een groot Europees schrijver door een zeer divers en verrassend oeuvre. In HhhH vertelt hij het verhaal van Heydrich, de nazi die door de SS werd beschouwd als de hersens van Himmler. Heydrich was de techneut achter het concept van de vernietigingskampen van de Duitsers.
In Beschavingen laat hij Zuid Amerika niet veroveren door de Spanjaarden maar draait hij de geschiedenis om: de Inca’s veroveren grote delen van Europa.
Wanneer de Inca machthebber Atawalpa eindelijk Luther ontmoet, begint de laatste onmiddellijk en meteen zijn onovertroffen jodenhaat rond te sproeien maar hij kan niet verhinderen dat er op de kerkdeur spoedig vijfennegentig Stellingen van de Inca worden gespijkerd, waarin nog maar eens het jaar 1531 wordt gememoreerd als het jaar waarop zij voet aan Europees land zetten.
Stelling tweeëndertig luidt: ‘de Zon eist de dood van andere goden niet. Hij heeft dat niet nodig om zijn superioriteit te behouden of zijn macht, omdat geen van hen die kan bereiken’. En minstens zo belangrijk is de volgende stelling: ‘De Zon is niet jaloers, hij kiest zijn volk niet, hij redt niet een minderheid van de mensen om de anderen in duisternis achter te laten, hij breidt zijn weldoende licht uit over alle mensen van de aarde’.
En interessant en vermakelijk is stelling zevenendertig: ‘Waarom heeft hij (de gespijkerde god) Plato en Aristoteles, toch wijze mannen, niet van zijn bestaan verwittigd? Waarom zo lang gewacht? Was er toen geen enkele zondaar die het verdiende te worden gered?’ Me dunkt dat theologen zich hier de tanden op stuk kunnen bijten en ik daag hen uit in te gaan op deze snedige vooronderstelling van de Inca!
En zoals in zijn eerdere boeken, introduceert de schrijver ook in deze roman zichzelf als deelnemer aan de geschiedenis. Feit en fictie worden weer eens goed door elkaar gegooid.
Het magnum opus van Laurent Binet is, althans wat mij betreft, De zevende functie van taal, waarin hij een waanzinnig palet van Franse filosofen en taalkundigen uit de periode Mitterand opvoert. Een werkelijk verbluffende en prachtige geschiedenis over de verbeelding en vooral de macht van het woord. Ik moest vaak denken aan Perlmann’s zwijgen van Pascal Mercier. Ook dat is een fabelachtige roman die zich evenals deze Binet afspeelt in de kringen van taalkundigen. Ook daar probeert men elkaar de loef af te steken en komen de functies van taal zeer prominent in beeld. Ook in die roman is er sprake van een ongekend ontsporen van met name de hoofdpersoon (in de roman van Binet lijkt men collectief uit de rails te lopen) die zichzelf steeds dieper in ellende doet geraken om net als in De zevende functie van taal een even plausibele als waanzinnige maalstroom van gebeurtenissen op te wekken. Opmerkelijk toch hoe die ogenschijnlijk saaie wereld van taalkundigen die uitblinken in het uitspreken van onbegrijpelijke taal een pandemonium kan veroorzaken dat zijn weerga niet kent, van invloed is op alle facetten van de menselijke samenleving en aanleiding vormt voor zulke prachtige romans.
Inmiddels is er een nieuwe Binet roman verschenen, Perspectieven. Ligt al op mijn stapel nog te lezen. U vindt mijn bespreking van alle Binet boeken op de pagina Literatuur van deze website.