De onoplosbare paradox die Israël heet

image_pdfDit artikel downloadenimage_printDit artikel uitprinten

Inspiratie

Is er een regionaal conflict met een impact vergelijkbaar met die van het Israëlisch – Palestijns conflict? ’t Is maar de vraag of je dit conflict nog een regionaal conflict kunt noemen. Ofschoon er dezulken zij die er fijntjes op wijzen dat het onzinnig is zoveel drukte te maken om een lapje grond als de Gaza strook, immers veel kleiner nog dan onze kleinste provincie, Utrecht. Maar ziende blind zijn is een veel voorkomende karaktertrek. Het conflict tussen Israël en de Palestijnen is een bijzondere metafoor voor de steeds verder toenemende verwijdering tussen zoiets amorfs als “het westen” en de Arabische wereld, welke laatste niet synoniem is aan de internationale moslim gemeenschap. Ofschoon ook de radicale islam zich graag laat inspireren door het Israëlisch – Palestijns conflict en het als een van de pijlers van de jihad beschouwt. We lezen in de Volkskrant op 16 mei 2008: DUBAI – Osama bin Laden heeft vrijdag in een audioboodschap gezworen de strijd tegen Israël voort te zullen zetten. Hij verklaarde verder nooit Palestijns land te zullen opgeven. De boodschap komt op het moment dat Israël zijn zestigjarig bestaan viert. ‘We continueren, als God het toelaat, de strijd tegen Israël en zijn bondgenoten en zullen geen enkele centimeter van Palestina opgeven zolang er een ware moslim op de wereld is’, zei de leider van Al Qaida in een boodschap die op een islamistische website is verschenen. Bin Laden zei dat het Israëlisch-Palestijnse conflict de kern vormt van de strijd van de moslims met het Westen. Het vormde volgens hem tevens de inspiratie voor de negentien kapers die de aanslagen op 11 september 2001 op New York en Washington pleegden.

Naïef

Kritiek op Israël raakt vrijwel te allen tijde en overal aan de open zenuw van de joodse wereldgemeenschap: antisemitisme. Voor eenieder die in dit artikel een vorm van meer of minder latent antisemitisme wil ontwaren ware het beter hier niet verder te lezen. Met hen ga ik niet in discussie. Niet zelden wordt eraan gerefereerd dat het Joodse vraagstuk en in de slipstream daarvan de Israëlische staat een dermate complexe historie kent, dat leken zich van een oordeel zouden moeten onthouden en dat meepraten alleen is voorbehouden aan diegenen die een gedegen studie van de onderhavige materie achter de rug hebben. Ik stel daar tegenover dat een moderne betrokken burger de plicht heeft – aan zichzelf en zijn nageslacht – zich wel degelijk een oordeel te vormen over deze open etterende wond in de moderne wereldgemeenschap. Het Israëlisch – Palestijns conflict wordt immers in mijn achtertuin uitgevochten. Jarenlang heb ik met verbijstering kennis genomen van zelfmoordaanslagen in het Midden-Oosten zonder me te realiseren dat het slechts een kwestie van tijd was dat deze aanslagen zich ook naar ons deel van de wereld van de wereld zouden verplaatsen. Over naïveteit gesproken!

Apocalyps

Naast de beschuldiging van antisemitisme is het betrekken van de Holocaust in deze controverse een vaak toegepaste ingreep om iedere discussie dood te slaan. De Holocaust is te groot en te kolossaal voor het menselijk brein, de impact ervan laat zich nauwelijks vangen in een beeld dat ook maar in de verste verten recht zou kunnen doen aan die zesmiljoenvoudige werkelijkheid. De Holocaust is het universum van de perversie. De Apocalyps van de wandelende jood, voor eeuwig van rust en thuis verstoken als straf voor het doden van de zoon van god. Het zijn niet de minsten die hier de weg kwijt raken zoals bijvoorbeeld de Britse conservatief filosoof Roger Scruton die in de Opinio van 20 07-2007 het door Nietzsche geconstateerde ressentiment – het Christendom als uiting van de slavenmoraal, de moraal van diegenen die niet in de eerste plaats naar maatschappelijk succes streven, maar die vooral een afkeer hebben van het succes van anderen – wil vervangen door de interpretatie van de Duitse filosoof Max Scheler: het ressentiment in moderne samenlevingen bestaat niet dankzij maar ondanks het Christelijk geloof en de belangrijkste oorzaak is niet de religie maar de obsessieve fixatie op de dingen van deze wereld die mensen jaloers maakt op hun buren en die hen daarom van hun eigendommen wil beroven. Scheler’s argument onderstreept nog eens – stelt Scruton – de fundamentele vraag waarom wij vaak eerder afgunst dan vreugde voelen bij het zien van goede dingen die anderen bezitten. Dit fenomeen kan leiden tot gevoelens van minachting en vernedering en in uiterste instantie tot geweld. Dat geweld, zegt Scruton, dienen we in zekere zin toe te staan, “het moet af en toe de vrije loop worden gelaten en dat is de functie van de zondebok, het slachtoffer, degene die wordt buitengesloten en de collectieve schuld op zijn schouders draagt. Door zijn dood bevrijdt de zondebok ons van onze opgekropte woede, en hij stelt ons opnieuw in staat om op goede voet met onze naasten te kunnen leven. Daarom wordt hij met geweld gedood en wordt hij na zijn dood als redder vereerd.” Ja, dit staat er allemaal echt. Scruton vindt het zelf ook allemaal gewaagd maar niettemin neigt hij ertoe te geloven dat de Christelijke evangeliën ons een tegengif bieden tegen het potentieel rampzalig menselijk falen: de vergeving van hen die jou haten. Moet ik in dit verband nogmaals refereren aan de Wandelende Jood en de Holocaust?

De paradox

Een thuisland voor een eeuwenlang vervolgd volk op de plaats waar zich door dit volk vereerde heiligdommen bevinden. Wie zou er bezwaar tegen kunnen maken? Met de verklaring van Balfour in 1917 werd het fundament gelegd voor een Joodse staat. De verklaring luidt als volgt: Het gaat natuurlijk om “nothing shall be done which may prejudice the civil and religious rights of existing non-Jewish communities in Palestine”. In 1948 is er van deze zinsnede echter niets meer terug te vinden en daarmee draagt de ontstaansgeschiedenis van Israël van meet af aan de kiem van haar eigen mislukking in zich.

Kind van foute ouders

Historicus, journalist en docent aan de Hogeschool van Utrecht Chris van der Heijden stelt in zijn boek annex essay ‘Israel een onherstelbare vergissing’ dat de stichting van de staat Israël een grote vergissing is geweest. Het essay gaat voornamelijk in op de historie van het gebied dat wij nu Israël noemen. Hij zegt niet alleen dat stichting van de staat Israël een vergissing is, maar ook dat deze vergissing onherstelbaar is. Volgens Van der Heijden ligt de beginfout bij de Europeanen en de Verenigde Naties, die meenden de wereld naar hun hand te kunnen zetten. Zij hebben te makkelijk gedacht over de complexe situatie in het gebied. De beginfout ligt – aldus van der Heijden – niet bij de zionisten, die probeerden voor zichzelf een plek te vinden. Aan de andere kant hebben de joden wel schuld, omdat ze geen oog hadden voor de Arabische lotgenoten. Het is volgens hem verbazingwekkend dat de joodse bevolking van Israël niet inziet dat zij de Palestijnen heeft behandeld en nog steeds behandelt zoals zijzelf 2000 jaar lang behandeld is.

In een reactie op gregoriusnekschot.nl reageert historica Traudl de Jonge als volgt: “De intocht van islamitisch geïnspireerde medemensen heeft grote gevolgen gehad voor Nederland, zoveel is zeker. Één van de gevolgen is de wederopstanding van het antisemitisme. Hadden we al openlijke antisemieten als Gretta Duisenberg en Dries van Agt, nu komt daar grote denker Chris van der Heijden nog eens bij. Onze Chris heeft namelijk een boek geschreven waarin hij Israël een ‘onherstelbare vergissing’ noemt. Alstublieft. Chris doet al jarenlang zijn best de NSB te rehabiliteren, waarschijnlijk omdat zijn ouders tot over hun oren in de NSB zaten. De regelrechte aanval op de staat Israël komt dus niet uit de lucht vallen. Punt is: tot voor kort zou iemand met een vergelijkbaar foute achtergrond als Chris van der Heijden het wel uit zijn/haar hoofd laten kritiek te spuien op Israël. Met steun in de rug echter van de islamitisch geïnspireerde medemens en linkse warhoofden, durft hij het nu wel aan. Bereid u voor op meer grote denkers als Chris van der Heijden. Het wachten is op lieden die – ik noem maar wat – het discrimineren van homo’s, vrouwen en ongelovigen gaan goedpraten”.

Deze Traudl de Jonge afficheert zich als historica en zou werken bij het niet bestaande Stutterheim del Ferro Instituut te Amsterdam. Zijn of haar naam is ontleend aan Traudl Junge, de beroemd geworden secretaresse van Hitler. Deze “historica” valt slechts op door ongenuanceerd en ordinair gescheld. Feit is dat de lezing van van der Heijden door andere wetenschappers onomwonden wordt gedeeld. En gelukkig zijn zij niet zo bevooroordeeld en onsmakelijk dat ze iemand menen te moeten afserveren omdat diens ouders zich voor de verkeerde zaak inspanden.

Nieuwe Historici

Israëlisch historicus en jarenlang academisch directeur van Givat Haviva, een Joods-Arabisch centrum voor vrede, Ilan Pappé (1954) wordt gezien als een van de ‘nieuwe historici’ , een klein groepje Israëlische academici die sinds de jaren tachtig de officiële lezing van de gebeurtenissen rond de totstandkoming van de staat Israël bestrijdt. Zij legden bloot hoe destijds 700.000 Palestijnen zo ’n zestig jaar geleden verdreven werden en deden uitgebreid onderzoek naar onrechtmatige onteigeningen en vernietiging van Arabisch-Palestijns bezit – meer dan vierhonderd Arabische dorpen werden met de grond gelijk gemaakt – en ze bestreden het verhaal dat de Arabieren in die dagen een goed uitgedokterd plan hadden om Israël te vernietigen. In een uitgebreid interview met de Volkskrant van 10 mei 2008 stelt hij: “ Ik kom uit een Joods-Duitse familie die bijna helemaal is uitgemoord in de Holocaust. Ik heb het morele recht om kritisch naar Israël te kijken. () Hoe konden Joodse soldaten in 1948 mannen, vrouwen en kinderen op vrachtwagens zetten en afvoeren. Hoe konden ze mensen verjagen, afslachten, vrouwen verkrachten, hoe konden ze, drie jaar na de Holocaust” . Pappé bepleit één staat Israël, voor Joden en Arabieren. Het einde van de zionistische gedachte. Hij gelooft dat de meeste Palestijnen, ook degenen die op Hamas hebben gestemd, nog steeds vrede willen met de Joodse gemeenschap, maar natuurlijk – stelt hij – denken steeds meer van hen aan wraak. En evenals Eran Yashiv wijst hij erop dat als de bezetting nog 10 tot 15 jaar langer duurt, de volgende generatie Palestijnen alleen nog wraak en vergelding na zal streven. “We hebben niet veel tijd meer”, aldus Ilan Pappé.

Noodzakelijk kwaad

Ook een andere vertegenwoordiger van de Nieuwe Historici, Benny Morris – Morris gebruikt het ‘transfer’ denken, in de jaren voorafgaand aan de oorlog om te verklaren dat ‘de zionistische leiders, onder leiding van David Ben-Goerion, geneigd waren om het proces [van de exodus] zachtjes aan te moedigen, af en toe met behulp van uitzettingen’ – heeft later gesteld dat er sprake was van etnische zuivering, en hij beschrijft deze als “noodzakelijk” voor de vestiging van een Joodse staat. In 2004 verklaarde hij: “Er zijn omstandigheden in de geschiedenis die etnische zuivering rechtvaardigen. Ik weet dat deze term in de 21e eeuw volkomen negatief gebruikt wordt, maar als de keuze is tussen etnische zuivering en genocide –de vernietiging van je volk – geef ik de voorkeur aan etnische zuivering. Dat was de situatie. Dat is wat het zionisme voor zich zag. Een Joodse staat zou er niet gekomen zijn zonder het verdrijven van 700.000 Palestijnen. Daarom was het noodzakelijk hen te verdrijven. Het was nodig het binnenland te zuiveren en de grensgebieden te zuiveren en de belangrijkste wegen te zuiveren. Het was nodig de dorpen te zuiveren van waaruit onze konvooien en onze nederzettingen beschoten werden”. In de loop van de tijd echter heeft Morris zijn standpunten enigszins gematigd en stelde onder meer dat er geen vooropgezet plan was voor de verdrijving van Palestijnse Arabieren maar dat dit een logisch gevolg van de oorlog was.

Beeld en zelfbeeld

Hoe we het ook bezien, feit is dat meer dan zevenhonderdduizend Palestijnen plaats moesten maken voor nieuwkomers die een historisch religieuze claim op hun land legden. Feit is ook dat de Palestijnen en andere Arabieren van verdrijving of ethnic cleansing spreken. Feit is voorts dat Israël sinds meer dan veertig jaar het 1967-territorium bezet houdt en dat maar liefst 85 procent van de Palestijnse bevolking jonger is dan 40 jaar en dus geboren is in een bezet land. Avi Shlaim, hoogleraar internationale betrekkingen aan de universiteit van Oxford formuleert het als volgt: “Een enkele uitzondering daargelaten blijven Israëliërs zichzelf niet zien als de agressors, laat staan als koloniale heersers, maar als de onschuldige slachtoffers van Palestijns geweld. Hoe sterker Israëliërs zich bedreigd voelen, des te meer vallen ze terug op een simplistisch en door het eigenbelang gekleurde blik op het verleden, en des te intoleranter worden ze tegenover afwijkende meningen. () Xenofobische en zelfingenomen nationale verhalen wakkeren dit tragische, eeuwenoude conflict alleen maar aan en verlengen het. Een complexer en eerlijker begrip van het verleden is daarom essentieel willen we op zijn minst de mogelijkheid voor verzoening en vreedzame samenleving in de toekomst behouden”

We zijn al te laat

In een artikel in de International Herald Tribune gaat Eran Yashiv, verbonden aan de universiteit van Tel Aviv en het Center for Economic Performance van de Lodon School of Economics nader in op de onmogelijkheid van een vrede tussen Israel en de Palestijnen. Hij wijst met name op de demografische ontwikkelingen in combinatie met feed back mechanismes zoals materiële en geestelijke steun vanuit de radicale islam en een sterk toenemende werkloosheid onder een steeds groter wordende populatie. “Tenslotte zullen – stelt Yashiv – als de huidige demografische trends doorzetten, in het gebied tussen de Middellandse Zee en de Jordaan de Arabieren in de meerderheid zijn. Dan is de tweestaten oplossing niet meer haalbaar, doordat de aanwezigheid van Arabieren in Israël en van Joodse kolonisten op de Westoever het onmogelijk maakt om nog heldere grenzen te trekken”. Met andere woorden: Israël heeft geen tijd meer te verliezen en moet uit puur lijfsbehoud zo spoedig mogelijk tot een vergelijk zien te komen met de haar omringende en haar zo vijandige Arabische wereld. Dat is ook wat voormalig president van de Verenigde Staten Jimmy Carter bedoelt en ik ben het daar volgaarne mee eens. En dat is geen domheid of antisemitisme.

Joodse democratie

Salomon Bouman constateert in een artikel in de NRC van donderdag 8 mei (waarin ook het artikel van voornoemde Eran Yashiv te vinden is) dat de wederzijdse haat tussen Joden en Arabieren momenteel groter en dieper is dan ooit tevoren in de geschiedenis en hij voegt hier nog het volgende aan toe: “De Israëlische democratie heeft echter twee grote lacunes, Israël kent geen scheiding van kerk en staat en definieert zich als een joodse democratie. Als gevolg daarvan is de vraag “wie is jood?” nog steeds niet opgelost, omdat het orthodoxe religieuze gezag vasthoudt aan de Talmoedische opvatting dat het joodzijn uitsluitend door de moeder kan worden doorgegeven. Voor naar schatting driehonderdduizend immigranten uit de vroegere Sovjet Unie die halachisch niet-jood zijn, brengt dat grote problemen met zich mee. Omdat Israël geen burgerlijk huwelijk kent, kunnen zij in Israël niet trouwen. Geboorte, huwelijk en dood vallen binnen de competentie van de rabbijnen.” En voorts: “Dat Israël zich als een ‘joodse democratie’ definieert heeft ook negatieve gevolgen voor de verhouding tussen de Joodse meerderheid en de grote (20%) Israëlisch-Palestijnse minderheid. De Israëlische Palestijnen kunnen zich niet identificeren met een land waarvan de vlag een David-ster is en met het zionistische volkslied Hatikwa, de hoop”

Een streep in het zand

De staat Israël werd gecreëerd door een streep in het zand te trekken. We moeten zestig jaar na dato echter vaststellen dat dat wel wat zorgvuldiger had gekund. Men kan zich te hoop lopen tegen historici als van der Heijden of Ilan Pappé, men mag voorbij gaan aan de behartenswaardige woorden van Eran Yashiv of de journalistieke waarnemingen van een gerespecteerd correspondent als Salomon Bouman maar wat niet geoorloofd is, is hun geluid af te doen met de beschuldiging van antisemitisme. Dat is een ultieme vorm van onzindelijk denken. Het gaat immers niet om de zegslieden of de boodschappers, het gaat om de achterliggende waarheid en de daaraan ten grondslag liggende feiten. En natuurlijk lenen ook feiten zich voor meer dan slechts één zaligmakende interpretatie maar bij wie je je oor ook te luister legt, de grootste gemene deler van al hun lezingen en studies is steeds dat er geen tijd meer te verliezen is. Het afschermen van grondgebied op basis van op zijn zachtst gezegd discutabele historischreligieuze claims is nog tot daar aan toe. Geen weldenkend mens is nog bereid de redelijkheid en rechtvaardigheid van een Joodse staat te ontkennen. Maar anderzijds mag, nee moet van Joden verlangd worden dat zij begrip en oog hebben voor de gevolgen van het verdrijven van bevolkingsgroepen uit hun huizen en hun land. Een staat voor Joden en Palestijnen is kennelijk niet haalbaar, niet alleen omdat Palestijnen dat zouden weigeren, ook het feit dat Israël een Joodse democratie is maakt een dergelijke oplossing volstrekt onmogelijk. Israël heeft er werkelijk alle belang bij zich terug te trekken achter de 1967 grenzen en met de grootst mogelijke spoed mee te werken aan de realisering van een Palestijnse staat. En dat gaat alleen maar lukken wanneer men zich realiseert dat onderhandelen met de vijand, ook met Hamas, de enige manier is om een duurzame vrede in de regio te bereiken.

Eén aspect dient op zijn minst nog genoemd te worden en dat betreft de geopolitieke verhoudingen. Dit is niet de plaats voor tal van speculaties maar men dient zich in gemoede af te vragen of de grootmachten Amerika en Iran voldoende baat hebben bij een duurzame vrede tussen Israël en de Palestijnen. Ik vrees van niet. Des te meer reden voor de beide strijdende partijen om hun geschil zo snel mogelijk te beslechten. Dat vraagt van beide kanten gevoel voor verhoudingen, een open oog voor het verleden, oneindig veel gezond verstand en nog veel meer moed. Wij mensen zijn slechts gewone stervelingen, in het Midden Oosten, de bakermat van de moderne beschaving en de geboortegrond van de wereldreligies laat de mens zich in zijn slechtst denkbare verschijningsvorm zien.

Enno Nuy
Mei 2008

Bronnen

Chris van der Heijden, ‘Israël, een onherstelbare vergissing’, UItgeverij Contact, ISBN: 9789 02542 8365
Traudl de Jonge, zie www.gregoriusnekschot.nl
http://nl.wikipedia.org/wiki/Balfour-verklaring
“Ik bepleit een culturele boycot van Israël’ interview met Ilan Pappé – Volkskrant van 10 mei 2008
Donkere wolken boven Joodse democratie – Salomon Bouman – Volkskrant van 8 mei 2008
http://nl.wikipedia.org/wiki/Palestijnse_vluchtelingenprobleem
Israël moet eerlijker naar verleden – Avi Shlaim NRC 14 mei 2008
Audioboodschap Bin Laden – Volkskrant 16 mei 2008

2018-10-09T11:40:52+00:00