Uitgeverij Thomas Rap, 390 pagina’s

 

In Sapiens beschreef Yuval Noah Harari de geschiedenis van de menselijke soort. In Homo Deus beschreef hij hoe de nabije toekomst van homo sapiens eruit zou kunnen zien wanneer deze soort zich niet tijdig realiseert dat de fusie tussen biotech en infotech tot consequenties zou kunnen leiden die voor de menselijke soort dramatisch uit zouden kunnen pakken. In zijn jongste boek 21 lessen voor de 21ste eeuw beschrijft Harari de staat waarin de menselijke gemeenschap zich bevindt en welke uitdagingen aangegaan moeten worden, uitdagingen die we grotendeels zelf gecreëerd hebben. Ook dit boek heb ik met bovengemiddelde belangstelling en gretigheid gelezen, ondanks dat het boek hier en daar minder evenwichtig overkomt dan zijn beide vorige publicaties. Hinderlijk was dat overigens geen moment, zolang de lezer zich maar realiseert dat het hier de overpeinzingen van een schrijver betreft. Niet zomaar een schrijver overigens. De historicus Harari is een erudiet en belezen mens, joods van geboorte maar volstrekt seculier. Hij is even genadeloos voor zijn joodse landgenoten als voor iedere andere bewoner van welke natiestaat dan ook.

Dachten we na de val van de Berlijnse muur dat de geschiedenis, zoals Fukuyama formuleerde, ten einde was gekomen, al snel bleek dat de liberale ideologie met haar mantra van de vrije markt geen antwoord heeft op de ontwrichting van het milieu en de technologische ontwrichting als gevolg van big data en de voor geen sterveling te doorgronden algoritmes. Daar komt bij dat, nu de liberale ideologie een doodlopende weg blijkt te zijn, de menselijke samenleving een steekhoudend narratief ontbeert. Waarheen zijn we op weg, is dat wel de weg die we in willen slaan, waarom zouden we een andere route moeten kiezen, welk doel streven we na?

Opnieuw schetst Harari het doemscenario waarin kunstmatige intelligentie het merendeel van de menselijke soort tot een overbodige groep mensen dreigt te reduceren en waarbij macht en rijkdom uitsluitend in de handen van een ultrakleine elite dreigt te belanden, de elite die de algoritmes bezit. Harari voegt er direct aan toe dat automatisering niet per definitie tot doemscenario’s hoeft te lijden. De overbodige arbeidskracht kan bijvoorbeeld ingezet worden voor zorgtaken die we nu nog als vrijwilligerswerk beschouwen. En achter dit perspectief doemt (uiteraard) een basisinkomen op.

Net als in Homo Deus waarschuwt Harari voor de enorme impact die algoritmes op ons leven hebben, nu reeds. Wij zijn niet de klanten van Google, Amazon en Facebook, wij zijn hun producten. Wij denken – ook dat behoort tot de liberale ideologie – dat we zelfstandige individuen zijn met authentieke gevoelens en een vrije wil. Maar de werkelijkheid is een andere, aldus de schrijver. Wetenschappelijke inzichten in de werking van onze hersenen suggereren dat onze gevoelens geen puur menselijke, spirituele eigenschap zijn en dat ze op geen enkele manier een ‘vrije wil’ weerspiegelen. Gevoelens zijn biochemische mechanismen die alle zoogdieren en vogels gebruiken om snel allerlei mogelijkheden om te overleven en zich voor te planten in te schatten. Meestal beseffen we niet eens dat gevoelens in wezen berekeningen zijn, omdat het snelle calculatieproces zich buiten ons bewuste waarnemingsveld afspeelt. Welnu, zegt Harari, als de biotechrevolutie (waarbij technische implantaten in het menselijk lichaam worden ingebouwd) wordt gecombineerd met de infotechrevolutie zal dat dataverwerking op basis van steeds slimmere algoritmen opleveren die de gevoelens van mensen veel beter kunnen monitoren dan de mens zelf; er vindt dan een machtsverschuiving plaats van mensen naar computers. Dat is overigens niet per definitie alleen maar negatief of slecht. In 2050 zullen ziekten dankzij biometrische sensoren en big-data-algoritmen misschien al vastgesteld en zelfs behandeld worden voor ze überhaupt tot pijn of problemen leiden.

Ook kunnen algoritmes heel goed ethische keuzes maken, mits ze daartoe maar geprogrammeerd worden. Aan het andere uiterste van dit bio-info-spectrum ligt natuurlijk de killer-robot. Het echte probleem met de killer-robot is niet diens kunstmatige intelligentie, maar de natuurlijke domheid en wreedheid van hun menselijke bovenbazen. En er is weinig fantasie voor nodig je een beeld te vormen wat er kan gebeuren als autocratische leiders toegang tot en macht over big data en algoritmen verkrijgen. Bid-data-algoritmen kunnen niet alleen een einde maken aan onze vrijheid, ze zouden ook de meest ongelijke samenleving aller tijden kunnen creëren, aldus Harari.

In een hoofdstuk over gelijkheid stelt de schrijver dat bezit een vereiste is voor duurzame ongelijkheid. Dat bezit lijkt te verschuiven van materie naar informatie doet daar niets aan af. Als het merendeel der mensen overbodig is geworden door kunstmatige intelligentie, waarom zou de machthebbende elite – zij die alles bezit – zich dan nog bekommeren om het welzijn van die overbodige massa’s. Bij de eerste de beste klimaatramp zullen ze overboord gekieperd worden. Gaat u dit te ver? Vindt u dit een onwaarschijnlijk toekomstscenario? Harari niet en ik al evenmin. Als wij niet serieus werk maken van het reguleren van eigendomsrechten op het gebied van big data, het eigendomsrecht van informatie, dan zullen de huidige datagiganten ons voor zijn en voor we het weten zijn we definitief op afstand gezet.

Met de opkomst van de sociale media heeft technologie ons steeds meer van ons lichaam vervreemd. We lijken uitsluitend nog online te kunnen bestaan. Een enkel offline bestaan is voor de meeste (jonge) mensen niet meer vol te houden. Er wordt nogal eens gesuggereerd dat het gevoel van vervreemding zou worden veroorzaakt door de teloorgang van religies en nationale verbondenheid maar Harari vindt dat geen bevredigende verklaring. In zijn analyse is het steeds minder contact hebben met je eigen lichaam vermoedelijk een veel grotere factor. Een online wereld creëren zonder oog voor de offline wereld is dan ook vragen om problemen. Zelfs Zuckerberg erkent dit en zegde toe meer aandacht te schenken aan het offline bestaan van mensen. Tot heden is dat zonder enig merkbaar vervolg gebleken.

Hoe weinig online van doen heeft met offline bleek wel toen er bij de eerste tekenen van een Arabische Lente allerlei hoopvolle online communities leken te ontstaan maar eenmaal in de complexe offline buitenwereld werden ze prompt gekaapt door religieuze fanatici en militaire junta’s. Kortom, het besef dat mensen een lichaam hebben zou wel eens een cruciale stap kunnen zijn in het verenigen van de mensheid. Maar dat wordt steeds moeilijker als de techgiganten ook letterlijk onder onze huid gaan kruipen.

We verkeren onder de indruk dat de Europese beschaving wordt gekenmerkt door waarden als mensenrechten, democratie, gelijkheid en vrijheid. Maar de Atheense democratie was niet meer dan een halfhartig experiment dat het nauwelijks tweehonderd jaar heeft uitgehouden in een vage uithoek van de Balkan. Maar, zo vraagt Harari zich af, moeten we Sparta, Julius Caesar, de kruisvaarders, de conquistadores, de inquisitie, Napoleon, Hitler en Stalin dan als indringers uit afgelegen beschavingen zien? Nee natuurlijk, Europa was en is wat de Europeanen ervan maken en dat beperkt zich bepaald niet tot democratisch gedachtegoed. Groepen mensen worden meer gekenmerkt door de veranderingen die ze ondergaan dan door continuïteit, maar toch slagen ze erin zichzelf een oeroude identiteit toe te dichten, dankzij hun grote talent om verhalen te creëren. Is de Duitse identiteit die van keizer Wilhelm, Hitler of Angela Merkel? De Duitse identiteit wordt juist gekenmerkt door die vaak loodzware transformatie. En vergeet niet dat het vooral oorlogen zijn die ideeën en technologie verspreiden. Mensen hebben veel meer belangstelling voor hun vijanden dan voor hun handelspartners.

We zien, aldus Harari, momenteel wereldwijd een tendens naar nationalisme. Maar ook dat nationalisme heeft geen adequaat antwoord op de grote problemen van deze tijd. Klimaatscepsis kom je vooral tegen onder rechtse nationalisten en de reden is simpel: er is geen nationalistisch antwoord op klimaatverandering, dus houdt men dat liever buiten de eigen landsgrenzen. En dat geldt zeker ook voor die uiterst brandbare combinatie van biotech en infotech. Een autocratisch leider zal eerder de neiging hebben zich die combinatie toe te eigenen en in de praktijk toe te passen dan dat men het als een nationale dreiging zou ervaren, waartegen passend beleid ontwikkeld moet worden. Want daar ligt de grote dreiging van dit moment: we worden geconfronteerd met grote problemen die alleen op internationaal niveau kunnen worden aangepakt maar tegelijkertijd zien we een groeiende tendens naar nationalisme, samenlevingen die terug kruipen achter de eigen landsgrenzen en vervolgens de deur dicht doen.

Ook religies hebben geen antwoord op de grote problemen van deze tijd. Veel traditionele religies hebben universele waarden in hun pakket en beroepen zich op kosmische waarheden, maar op dit moment worden ze voornamelijk gebruikt als knechtjes van het moderne nationalisme, of je nu naar Noord-Korea kijkt, naar Rusland, naar Iran of naar Israël. Vervolgens wijdt Harari aparte hoofdstukken aan terrorisme en oorlog. Terrorisme wordt in zijn ogen per definitie bedreven door zwakke partijen. Het is hen erom te doen een overreactie uit te lokken in de hoop dat alles dan echt ontspoort waardoor de publieke opinie in hun voordeel op zou kunnen schuiven. Een mooie beeldspraak is die van de vlieg in het oor van een stier, de stier wordt razend gek van die vlieg en richt vervolgens enorme schade aan in zijn omgeving. Dat is wat er gebeurde in Afghanistan, Libië en Irak. Terrorisme kan men slechts op drie manieren effectief bestrijden. Overheden moeten intelligence inzetten tegen terreurnetwerken, de media moeten zeer gepast publiceren en burgers moeten hun fantasie niet op hol laten slaan. De feiten zijn simpel: sinds 11 september 201 hebben terroristen jaarlijks zo’n vijftig mensen vermoord in de EU, tien in de VS en zeven in China. In dezelfde periode sterven jaarlijks tachtigduizend mensen in de EU, veertigduizend in de VS en tweehonderdzeventigduizend in China aan het verkeer! Toch is de publicitaire aandacht voor terreur  onevenredig groot, bijvoorbeeld vergeleken met het verkeer als doodsoorzaak. Waakzaamheid blijft hoe dan ook geboden. Terreurnetwerken zouden pas echt gevaarlijk kunnen worden als ze erin slagen nucleaire wapens te bemachtigen.

Een van de mooiste hoofdstukken uit dit boek heeft Nederigheid als titel. Harari laat zien hoe vrijwel alle volkeren ervan overtuigd zijn dat de mensheid in barbaarse, immorele onwetendheid was blijven verkeren zonder de spectaculaire prestaties van hun volk. Maar het is allemaal onzin, voortkomend uit stuitende onwetendheid in combinatie met behoorlijk wat racisme. Immers, de religies zoals wij die nu kennen en de volkeren van nu bestonden nog niet eens toen de mens de wereld koloniseerde, planten en dieren domesticeerde, de eerste steden bouwde en schrift en geld uitvond. En ethiek, kunst, spiritualiteit en creativiteit zitten in ons DNA ingebakken, ontstaan in Afrika in de steentijd. Ook in het huis-, tuin- en keukenjodendom wordt heel plechtig beweerd dat de hele kosmos alleen maar bestaat opdat joodse rabbijnen hun heilige geschriften kunnen bestuderen en dat er een einde aan het universum zal komen als de joden die gewoonte afschaffen. Zelfs seculiere joden geloven dat de joden de centrale helden van de geschiedenis zijn en dat het joodse volk de ultieme bron van menselijke moraal, spiritualiteit en geleerdheid is. En orthodoxe joden menen dat joden intrinsiek superieur zijn aan alle andere mensen, aldus Harari, die zelf joods is, zij het een atheïstische jood. In werkelijkheid heeft het jodendom slechts een zeer bescheiden rolletje gespeeld in de annalen van onze soort. Vaak wordt er gesproken van de drie grote wereldreligies en dan blijkt men het te hebben over het christendom, de islam en het jodendom. Maar de betiteling wereldreligie is hier niet correct, het ware beter te spreken van de drie monotheïsmen. Het christendom heeft 2,3 miljard aanhangers, de islam 1,8 miljard en het jodendom kent slechts 15 miljoen volgelingen. Tegelijkertijd zijn er wel 50 miljoen shintoïsten en zeker 25 miljoen sikh-aanhangers. En al die religies blijven maar volhouden dat zij de uitvinders van moraal en ethiek zijn, waar inmiddels wetenschappelijk is aangetoond dat de menselijke moraal in werkelijkheid evolutionaire wortels heeft die dateren van miljoenen jaren voor het ontstaan van de eerste mensen. Alle sociale zoogdieren hebben ethische codes die door het evolutieproces werden verfijnd om samenwerking in groepen mogelijk te maken.

Volgens sommige joodse wijsgeren – en ook hier is Harari aan het woord – verwijst het beroemde gebod ‘heb uw naasten lief als uzelf’ alleen naar joden en is er geen enkel gebod dat zegt dat je gojim lief moet hebben. En zo zijn er ook veel rabbijnen die verkondigen dat het leven van een jood meer waard is dan het leven van een niet-jood. Maar hoe het ook zij, noch de bijbel, noch de koran, noch de talmoed is op enigerlei wijze de exclusieve bron van de menselijke moraal. Confucius, Lao Tse, Boeddha en Mahavira legden al de grondvesten voor universele ethische codes toen er van Paulus en Jezus nog lang geen sprake was. En waar de joden dierenoffers brachten, eisten Boeddha en Mahavira ook voor de dieren inclusief de insecten respect!

Zelfs het monotheïsme is geen joodse vinding, aldus Harari. Reeds rond 1350 voor christus wordt de god Chemosh beschreven op vrijwel dezelfde wijze waarop het Oude Testament Jahwe beschrijft. Vanuit ethisch perspectief is het monotheïsme volgens de schrijver aantoonbaar een van de slechtste ideeën uit de menselijke geschiedenis. Droogjes merkt hij nog op dat een sterk geloof vaak het hardst nodig is als iets niet waar is.

Tot slot het fenomeen nepnieuws. Niets nieuws onder de zon, nepnieuws bestaat al langer sinds Poetin de Krim annexeerde en keihard loog dat het geen Russen waren die de Krim innamen. De Britse kolonisten noemden Australië Terra Nullius en wisten zodoende in één keer vijftigduizend jaar Aboriginal-geschiedenis uit. Homo Sapiens is nu eenmaal een post-truth-diersoort die zijn overwicht te danken heeft aan het creëren en geloven van fictieve verhalen. En waarheid en macht gaan maar tot op zekere hoogte samen op. Vroeg of laat gaan ze elk hun eigen weg, aldus Harari. En vergeet niet, het was Hitler die in Mein Kampf al schreef: “Zelfs de geniaalste propagandatechniek zal geen succes oogsten als niet doorlopend rekening wordt gehouden met één fundamenteel principe: ze moet zich beperken tot een paar punten en die telkens blijven herhalen”. Trump lijkt Hitler goed bestudeerd te hebben.

Zoals gezegd, niet elke les die Harari ons hier voorschotelt is een toonbeeld van evenwichtigheid. Zijn opmerkingen over oorlog zijn wel heel erg ‘grote stappen snel thuis’. En wat hij schrijft over onderwijs is weliswaar onbetwistbaar juist maar daarmee is de ideale onderwijspolitiek nog niet dichterbij gebracht. De essentie van zijn jongste boek is dat de wereld enerzijds geconfronteerd wordt met grote en complexe problemen die uitsluitend met een internationale aanpak bestreden kunnen worden en tegelijkertijd zien we wereldwijd de tendens naar nationalisme met rasse schreden toenemen. Harari is een historicus en een analytische geest. Ik vind hem het meest interessant waar hij mythes doorprikt en hij spaart daarbij niets en niemand, ook niet zichzelf en zijn landgenoten. En zijn niet aflatende waarschuwingen voor de ontwrichtende werking van het samengaan van biotech en infotech kunnen niet serieus genoeg genomen worden. Ook van dit boek heb ik zeer genoten.