Op 27 januari 1945 verschenen de eerste Russische soldaten bij Auschwitz en Primo Levi schrijft: “De tekens van het geleden onrecht zouden voor altijd in ons blijven.” Arbeit macht frei. In dit Respijt, gepubliceerd in 1963, vertelt Primo Levi het onwaarschijnlijke verhaal van zijn terugreis uit Auschwitz naar huis. Onwaarschijnlijk maar echt gebeurd. Over de Russen schrijft hij buitengewoon treffend: “En toch was het niet moeilijk om in die slordige, ordeloze troep, in al die boerse, open gezichten, de goede soldaten van het Rode Leger te herkennen, de dappere mannen van het oude en het nieuwe Rusland, zachtmoedig in vredes- en meedogenloos in oorlogstijd, sterk door een innerlijke discipline die voortkwam uit eensgezindheid, onderlinge verbondenheid en vaderlandsliefde; een discipline die precies om die reden sterker was dan de werktuiglijke, slaafse discipline van de Duitsers.”

Zijn geschiedenis heeft natuurlijk een intens treurige achtergrond maar leest desondanks als een avonturenroman. En ronduit hilarisch is de Russisch-Joodse keukeninspecteur die wekenlang elke ochtend om 11 uur op zijn motorfiets de keuken binnenstormde, twee achten rond de ketels maakte en met een stralende glimlach weer naar buiten vloog. We zullen deze inspecteur verderop nog eens tegenkomen, nu als scheidsrechter bij een voetbalwedstrijd en deze scènes zijn nog hilarischer!

De beklemming van Is dit een mens is weggevallen, hoogstens nog ergens onder de oppervlakte aanwezig. Een verblijf in een concentratiekamp leg je ook niet zomaar af, zeker in Polen en Duitsland is de oorlog nog een harde dagelijkse werkelijkheid. Maar tegelijkertijd is er het besef dat de oorlog officieel ten einde is gekomen en dringt de drang naar voedsel en vrijheid naar de oppervlakte. En als lezer voel je die drang onmiddellijk en het liefste lees je dit waanzinnige en fantastisch boek in één ruk uit. Je krijgt grote sympathie voor de onbekommerde en onverschillige Russische soldaten en Levi dist de ene na de andere hilarische scène op. Helaas is het boek maar 230 pagina’s lang, dat had voor mij ook het dubbele mogen zijn.

Ook dit werk van Primo Levi werd voortreffelijk vertaald door Frida de Matteis-Vogels maar in het hoofdstuk Victory Day maakt ze een merkwaardige fout als ze schrijft: “begon ook ik me een beetje bezorgd te maken”. Het is haar graag vergeven. In dit boek verhaalt Levi van al die duizenden die na de meest onvoorstelbare ontberingen weer naar huis kunnen terugkeren, geen flauw benul van wat hen daar te wachten staat en ze zouden er negen maanden over doen. Kan dat überhaupt, de draad weer oppakken? Alsof er niets gebeurd is? Maar misschien is thuis thuis niet meer. Ook Levi zelf wordt door talloze gedachten, angsten en vrezen bestormd maar hij laat zich leiden door die onweerstaanbare drang naar vrijheid, levenslust, liefde. Hoe het hem vergaat beschrijft in zijn volgende boeken. Hij sterft in 1987 door een val van een trap. Was het een noodlottig ongeval of, zoals sommigen suggereren, een zelfgekozen dood? Dat laatste lijkt mij niet waarschijnlijk. Wie een einde aan zijn leven wil maken kiest een andere route dan een ongewisse val van een trap. En dat geldt zeker voor een man als Primo Levi. Maar hoe zou ik dat zeker kunnen weten? Er bestaan geen zekerheden in een wereld die Auschwitz voortbrengt.

Ik heb genoten van dit boek maar het heeft bepaald niet die verpletterende impact van Is dit een mens. Zoals ik zei, het leest als een avonturenroman of zelfs een schelmenroman. Alsof het in zijn lichtheid de zwaarte van zijn eerste boek een beetje compenseert. Maar om te beseffen hoe die dollemansrit naar de vrijheid voelde moet je eerst de verschrikkingen van de holocaust hebben meegemaakt. Gelukkig kunnen de meesten van ons zich daar nauwelijks een voorstelling bij maken.

 

Enno Nuy
Maart 2024