Van Oirschot Uitgeverij, 584 pagina’s

 

Ik zag een zeer lovende bespreking van Thomas de Veen in de NRC van de jongste roman van Nico Dros, van wie ik eerder nog niets las. Ik besloot het erop te wagen, nadat ik eerder van een koude kermis thuiskwam bij het lezen van De ommegang van Jan van Aken, destijds links en rechts al even lovend besproken. Na de eerste pagina’s schrok ik even omdat deze vertelling uit de Middeleeuwen op vrijwel dezelfde wijze begon als De ommegang van Jan van Aken: een jongen wordt gevonden en ondergebracht in het meest nabije klooster, bekwaamt zich daar in de hem onderwezen disciplines maar trekt uiteindelijk in weerwil van de bedoelingen van de abt de wijde wereld in. Maar de schrik bleek overbodig. Dit was echt de enige overeenkomst tussen beide boeken. Van Aken ontspoorde naar mijn mening volledig in een ongeloofwaardige roman met een onverdedigbaar plot.

Niets daarvan bij Nico Dros die met dit Willem die Madoc maakte een grootse roman schreef waarvoor hij ongelooflijk veel research moet hebben gedaan naar de drie standen aan het begin van de dertiende eeuw in Frankrijk en Vlaanderen. Hij schrijft zeer gedetailleerd over de verhoudingen tussen de clerus, de adel en de boerenstand, laat zijn hoofdpersoon hervormingen voor de bestuursstructuur uit die dagen ontwikkelen en is al even gedetailleerd over de positie van bisschoppen en andere vertegenwoordigers van god op aarde. Of de schrijver daarmee een roman schreef die de toets van een wetenschappelijke kritiek kan doorstaan, kan ik niet beoordelen. Maar het zou me verwonderen als dat niet zo zou blijken te zijn. Anders geformuleerd, Dros schreef een roman over personen met functies in verbanden die alle stuk voor stuk geloofwaardig, plausibel en waarheidsgetrouw lijken te zijn, in overeenstemming met de werkelijkheid van die dagen. Daaronder ook de competenties van de wereldlijke en klerikale machten, meer in het bijzonder de jurisdictie van het schepenrecht tegenover de inquisitie.

Er doen zich geen losse draden in deze vertelling voor, er werden geen bijfiguren geïntroduceerd om ze vervolgens in het luchtledige te laten hangen, de avonturen en wederwaardigheden van Beda, die later Madoc zal heten om tenslotte te eindigen als Willem, blijven zich op een organische wijze tot elkaar verhouden en ingrijpende gebeurtenissen uit zijn jeugd hebben hun bijna logische repercussies op latere leeftijd.

Ik wil hier, in tegenstelling van Thomas de Veen, niets onthullen over de inhoud van de roman, die zoveel meer is dan een avonturenroman. In de kern blijkt Madoc in geloofszaken een twijfelaar om zich op latere leeftijd te ontpoppen als een ongelovige. Een houding die men zich in die eeuwen, toen de inquisitie naarstig en gretig op zoek was naar godloochenaars om ze zonder een redelijk proces ter dood te veroordelen en op de brandstapel te werpen, absoluut niet kon permitteren. Niet als boer, niet als edelman, niet als begijn, niet als edelvrouw. Ook Madoc komt uiteindelijk tegenover het gerecht te staan waarbij het aanvankelijk om een zaak van misbruik door priesters gaat die de prelaten op smadelijke wijze dreigen te gaan verliezen waarop ze alsnog hun gram proberen te halen als ze documenten in handen krijgen waarin Willem kond doet van zijn ongeloof. Verrassenderwijs is het verhaal daarmee nog niet ten einde gekomen maar het zou zonde zijn daar hier meer over te vertellen.

Kortom, een uitstekende roman van Nico Dros, zeer goed geschreven ook, in een passend jargon. Geen verwrongen beeld van de vrouw zoals bij Jan van Aken, geen aaneenschakeling van steeds meer en fantastischer, ongeloofwaardiger avonturen en, misschien nog wel belangrijker, geen hoofdpersoon die een zeer onaangenaam en onuitstaanbaar karakter blijkt te hebben, zoals bij Jan van Aken. In plaats daarvan een geloofwaardige zedenschets van het bestaan in de dertiende eeuw, een ridderroman vol dramatiek en romantiek maar ook een zedenschets van de kerk uit die dagen inclusief achtenswaardige priesters, volgevreten prelaten en kindermisbruikers. Ook een avonturenroman want het leven van Madoc alias Willem brengt hem op tal van plaatsen en in veel verwikkelingen waar een mens zonder geestelijke weerbaarheid en fysieke kracht geen uitweg uit zou vinden.

Ik heb dit boek met bijzonder veel genoegen gelezen.

 

Enno Nuy
Juli 2021