Inspirerende reizen door Scandinavië

Olympus, 652 pagina’s

 

Ik ken deze schrijver tot nog toe van zijn boeken over Schotland en Ierland. Van origine is hij antropoloog en geograaf. In deze uitgave zijn drie van zijn eerdere boeken over Scandinavië bijeengebracht. Altijd Lapland, Altijd Noorwegen en Er gaat niets boven Zweden. In zijn relaas Altijd Lapland begint Zwier met een uitgebreide weergave van de wijze waarop schrijvers en onderzoekers tot nog toe over Lapland en met name de Samen schreven. Naar bleek met het nodige dedain, veelal getuigend van weinig begrip en nog minder belangstelling voor die oorspronkelijke bewoners van een gebied dat zich over vier landen verspreid uitstrekt.
Daarna beschrijft Zwier uitgebreid wat antropologisch veldwerk onder in Noorwegen levende Samen inhield en je begrijpt volledig dat hij er na die deprimerende periode definitief de brui aan geeft. Wat me in deze eerste hoofdstukken opvalt is dat Zwier hier laat zien dat hij kan schrijven, boeiend, hij houdt je aandacht vast, iets wat ik in zijn andere boeken nog wel eens kon missen. Buitengewoon interessant en onderhoudend zijn de passages over Linnaeus.
Zeer onderhoudend en interessant, deze geschiedenis van de Samen. En het boek is doortrokken van nooit meer slapen. Een mug is nooit ver weg en komt nooit alleen.

In Altijd Noorwegen reist Zwier ogenschijnlijk lukraak door Noorwegen. Het verhaal dat hij wil vertellen lijkt te bepalen welke route hij wil beschrijven. Chronologie is daarbij niet belangrijk, of de etappes op elkaar aansluiten evenmin. Ook nu laat Zwier zich zien als iemand die kan schrijven. Over het algemeen is zijn toon zakelijk met nu en dan iets van ironie of cynisme in zijn stem. Een enkele keer is hij slordig bijvoorbeeld als hij op P 308 bij een tweede bezoek aan Spitsbergen meldt: “Lang geleden deed ik mijn eerste en enige poging om deze eilandengroep te bereiken”. Wat het ook was, het was niet de enige, want in dit boek keert hij er terug. Gaande de verhalen van Zwier raak je gewend aan en nieuwsgierig naar Sjef van Dongen – Vijf jaar in ijs en sneeuw – en Jan Strijbos – Svalbard. Zwerftocht langs de koele stranden van Spitsbergen. En besluit ik ook hun boeken aan te schaffen, leesvoer om naar uit te kijken!
Treurig en ergerniswekkend is het verhaal over Sjef van Dongen die samen met een Italiaanse militair heel wat ellende doorstaat tijdens een poging de Italiaanse zeppelinvaarder Nobile te redden die in de poolcirkel zijn zeppelin tegen het ijs zag slaan. Na al die ontberingen leest hij, eenmaal veilig en gezond weer thuisgekomen, in de krant hoe zijn Italiaanse militair en gezel alle eer voor zichzelf opeiste, ware het niet dat zijn Nederlandse kompaan een blok aan zijn been was geweest. Hoe klein kunnen sommige geesten toch zijn!
Ook in dit boek verzamelt Zwier talloze kleine en grotere geschiedenissen, anekdotes en wetenswaardigheden die op enige manier van doen hebben met de barre streken en oorden die hij beschrijft. En ofschoon de tekst aan zichzelf genoeg heeft, er had van mij best een mooi dik fotokatern in deze boeken mogen zitten. Per slot reisde hij vaak genoeg met fotografen aan zijn zijde. Ze bleken nog niet goed genoeg voor de omslagfoto. Een reden voor deze desondanks gezamenlijke reizen geeft de schrijver nergens.
Veel tijd en tekst besteedt Zwier in dit boek aan Spitsbergen. Zeer de moeite en lezenswaard. Hij had er van mij een heel boek aan mogen besteden. Alhoewel ik dit een heerlijk leesboek vind, springt de schrijver wel van de hak op de tak, er lijkt geen lijn in te zitten, er is behalve het thema Noorwegen geen verband tussen de hoofdstukken. En natuurlijk is ook dit boek vergeven van de muggen, die al met al toch een serieuze belemmering vormen voor een reis naar dit intrigerende land.

Ook Er gaat niets boven Zweden is volgens eenzelfde stramien als de vorige twee boeken opgezet. Maar hier komt het ventje Nils Holgersson voor mij toch iets te vaak voorbij maar dat komt misschien doordat ik dit boek van Selma Lagerlöff nooit las. Dan is de eveneens veelvuldig genoemde Linnaeus mij heel wat liever en interessanter. Er zitten wel meer dubbele anekdotes in dit boek en dat had de schrijver moeten vermijden. Ook hier is hij ongestructureerd aan het reizen en vertelt hij zijn verhalen kris kras door elkaar. Passages over Cornelis Vreeswijk die we al eerder waren tegengekomen en onnutte informatie over IJmuiden en het ouderlijk huis van de troubadour, het is aan mij niet besteed. Nee, dit boek over Zweden is wat mij betreft mislukt. De schrijver krijgt niet de toon te pakken die hij in de boeken over Lapland en Noorwegen duidelijk wel vond.

Vond ik de eerste twee boeken van deze trilogie voortreffelijk, het laatste deel over Zweden wil maar niet boeien, nodigt niet uit tot verder lezen. Jammer want Zwier kan wel degelijk goed vertellen en ofschoon ik zijn reisliteratuur niet tot het beste in zijn soort vind behoren, is het uiterst leesbaar en doorgaans zeer interessant.

 

Enno Nuy
Januari 2022