Eindelijk weer een goede roman van Allard Schröder na De econome, de roman die in mijn ogen volledig mislukt was. Een zeer goed geschreven verhaal, een spannende geschiedenis met een geloofwaardig plot, karakters die tot leven komen en dat alles tegen een decor dat sterk doet denken aan Slauerhoff of Paul Auster. De belangstelling van de oogverblindend mooie Grace voor de hoofdpersoon van deze roman begrijp ik niet helemaal. Zij ziet meer in hem dan gerechtvaardigd lijkt. En ook zijn naïveteit inzake de oprukkende Japanners doet wat wereldvreemd aan, het lijkt alsof de toevallige geschiedenis waarin hij verzeild is geraakt hem op die oorlog attendeerde. Nu was de wereld van 1937 natuurlijk een stuk kleiner en news didn’t travel that fast. Betrouwbaar nieuws, voor zover dat al bestaat, moet in die tijd en dat deel van de wereld al helemaal een schaars goed geweest zijn.

Elsbeth Etty is in haar bespreking in de NRC van 23 januari 2009 onbarmhartig en genadeloos. Onterecht in mijn ogen. Zij verveelde zich bij de leegte van Seghers, de hoofdpersoon van deze roman die op de achterflap door Jan Siebelink een klassieke held wordt genoemd. Dat lijkt me toch ook een overstatement. Seghers is klassiek noch held. Groots en meeslepend willen we allemaal wel leven, alleen is slechts de enkeling bereid daarvoor de prijs te betalen die meestal in de valuta van het noodlot wordt uitgedrukt. Bij de leegte van Seghers hoort niet zozeer persoonlijke moed als wel een zekere argeloosheid of roekeloosheid. Dat een Japanse officier in die dagen bereid was een onbetekenend individu als de westerling Seghers voor een zekere dood te behoeden, kennelijk omdat ook hij in de genade van Grace hoopt te vallen is wellicht niet helemaal geloofwaardig. Maar ik ga er niet over zeuren. Kortom: een mooie nieuwe roman van Allard Schröder.

 

Enno Nuy

Augustus 2009